“Wij werken niet op basis van toevoeging”

Een interessante gewaarwording is het om te zien dat op een populaire website waar lokale dienstverleners kunnen worden gevonden, enkele advocatenkantoren in het profiel heel nadrukkelijk stellen niet op basis van toevoeging te werken. Een rechtzoekende die dus wel gesubsidieerde rechtsbijstand zoekt, heeft dan dus een advocaat gevonden die niet bij hem past.

Het is een heel duidelijke mismatch. De partijen lijken op het eerste gezicht prima bij elkaar te passen maar er is simpelweg iets dat niet te overbruggen is. Er is helemaal niks mis mee, dat een rechtzoekende gebruik van gesubsidieerde rechtsbijstand nodig heeft. Net zo min als dat er iets mis mee is dat een kantoor niet op basis van toevoeging werkt.

Daarbij zij dan ook nog opgemerkt dat op basis van toevoeging werken voor een advocaat ook betekent dat er een kantoor een relatie met de Raad voor Rechtsbijstand moet aangaan en zich aan de regels die voor gesubsidieerde rechtsbijstand gelden moet conformeren. Het gaat dus om meer dan enkel om de hoogte van het tarief en het bedrag dat voor een zaak kan worden gedeclareerd.

Daardoor komt het er dus op neer dat een rechtzoekende in zo’n geval het kantoor niet had willen vinden en het kantoor had niet door de rechtzoekende gevonden willen worden. Kortom het al dan niet op basis van toevoeging aannemen van zaken is dus een criterium dat voor zowel rechtzoekenden als kantoren belangrijk.

Die behoefte wordt nu dus door een kantoor zelf ingevuld door een mededeling in het profiel op te nemen. Wat als een kantoor dat niet doet, en er door een rechtzoekende contact wordt opgenomen. Dan wordt er tijd van de rechtzoekende verspild door het zoeken van contact en van het kantoor waar contact mee wordt gezocht.

Nu is het werken op basis van toevoeging een absoluut breekpunt in de match tussen een rechtzoekende en een kantoor. Het roept ook de vraag op in hoeverre er verder nog criteria zijn die van belang zijn voor een goede match tussen een rechtzoekende en advocatenkantoor.

Gepubliceerd
Gecategoriseerd als Uncategorized

Een advocaat vinden is nog best uitdagend

Wie online een advocaat zoekt kan terecht bij Zoek een advocaat van de Nederlandse Orde van Advocaten. Nu is dat een prima initiatief, waar alle Nederlandse advocaten op gevonden kunnen worden. Het is daarmee een digitale versie van het tableau en in mindere mate geschikt om een zoektocht naar een geschikte advocaat te beginnen.

Wie een advocaat zoekt die op basis van toevoeging werkt, kan terecht op de website voor de Raad voor Rechtsbijstand. Die lijst is naar zijn aard aanzienlijk specifieker. maar gezien het vooral een lijst is met gegevens zoals deze bij de Raad zijn geregistreerd, is het maar de vraag in hoeverre het een goed startpunt is voor een rechtzoekende om een advocaat te vinden.

Er zijn ook verschillende particuliere initiatieven om een rechtzoekende aan een advocaat te koppelen. Het is vooral interessant om te zien hoe er op verschillende websites vooral portretfoto’s van verschillende advocaten zijn die die het meest prominent zijn in de overzichten. In bepaalde gevallen zelfs zonder dat er iets over rechtsgebieden of specialisaties wordt vermeld.

Het roept de vraag op wat de beeltenis van een advocaat zegt over diens kennen en kunnen. Dat is natuurlijk merkwaardig gezien het feit dat er steeds meer sprake is van specialisatie onder juristen. Het zou dan juist in de lijn der verwachtingen zijn dat daar juist de nadruk op zou liggen. Het mag het vinden van een advocaat misschien leuker maken maar helaas niet minder uitdagend.

Gepubliceerd
Gecategoriseerd als Uncategorized

Wikipedia als bron van samenvattingen van jurisprudentie

Het gebruik van Wikipedia als bron werd in het verleden aan universiteiten als doodzonde gezien. Vermoedelijk is dat tot de dag van vandaag nog altijd het geval. Interessant is daarom dat uit een onderzoek uit 2022 blijkt dat rechters in Ierland uitspraken waarover een lemma op Wikipedia bestaat, bovengemiddeld vaak citeren in hun uitspraken.

Er valt ongetwijfeld een hoop op Wikipedia af te dingen, maar feit is dat er wel het nodige is gepubliceerd over rechterlijke uitspraken. Dat is ook in de Nederlandse taalvariant het geval. Nu mag een medewerker of een student aan een universiteit toegang hebben tot elk denkbaar juridisch tijdschrift. Dat is niet voor elke jurist het geval.

Wikipedia is daarom al snel een fijn toevluchtsoord om snel een samenvatting te vinden van een bepaalde uitspraak. Wie niet vertrouwt op de kwaliteit van een lemma, kan de bronuitspraak er zelf alsnog nalezen. Daarnaast kan iemand die een fout constateert ook een wijziging van een lemma aandragen. Daarmee is er ook meteen sprake van enige kwaliteitsborging.

Een overzicht van de Nederlandse jurisprudentie met zo’n 400 uitspraken is hier te vinden op Wikipedia. Daarnaast is er ook nog een overzicht met zo’n 90 uitspraken van Europese rechters te vinden op deze pagina.

Ontspannen zoeken naar juridische informatie is er niet bij met Google

Als er één manier is om makkelijk juridische informatie te zoeken, dan is dat wel door gebruik te maken van Google. Dat dit niet zonder risico is, bleek zelfs tijdens het doen van research voor dit artikel. Google stuurt iemand die zoekt immers naar wat gevonden is toe, maar het is ook maar de vraag of dat het gewenste resultaat is.

De lakmoesproef voor dit artikel, was het zoeken naar het op 1 januari 2022 ingrijpend gewijzigde artikel 2:20 BW. Dat had daarvoor drie leden, en heeft thans zes nieuwe leden met een andere inhoud. Het enige dat behouden is het onderwerp dat het bewuste artikel regelt.

Na het zoeken met Google naar de zoekterm: “artikel 2:20 bw” volgt het volgende zoekresultaat. Het eerste zoekresultaat lijkt op het eerste gezicht precies te beantwoorden aan naar hetgeen is gezocht. Wanneer er iets beter wordt gekeken dan valt er iets aan op.

Het eerste zoekresultaat, dat naar wetten.overheid.nl verwijst, is natuurlijk een bron, die veilig en vertrouwd is. Daar is weinig tegenin te brengen. Wanneer echter naar het concrete zoekresultaat wordt gekeken. Of om het meer juridisch te zeggen, gekeken wordt naar alle omstandigheden van het concrete geval. Dan valt de datum “1 januari 2013” voor de beschrijving op.

Wanneer er ook daadwerkelijk op wordt geklikt, dan valt in de url die wordt bezocht de waarde 2013-01-01 bevat en ook op de pagina zelf staat te lezen: “Geraadpleegd op 03-11-2023.
Geldend van 01-01-2013 t/m 30-06-2013”. Het gaat dus niet om de tekst van de wet die nu geldt, maar een versie uit 2013. Een expliciete waarschuwing dat dit het geval is, staat er niet bij noch is er een link die naar de op dit moment geldende versie verwijst.

Het tweede zoekresultaat in Google, verwijst naar een particulier initiatief. Heel prettig is dat enkel artikel 2:20 BW wordt getoond en niet het volledige tweede boek, van het burgerlijk wetboek. In een blokje met metadata boven het artikel staat: “Geldigheidsdatum: 28 oktober 2023 Ingangsdatum:1 juli 2017”.

Dit is toch bijzonder interessant. Artikel 2:20 BW is immers sinds 1 januari 2022 ingrijpend gewijzigd. Die datum ligt toch echt tussen 1 juli 2017 en 28 oktober 2023 in. Dat roept de vraag op, hoe dat toch mogelijk is? Wanneer er naar de inhoud van het getoonde artikel 2:20 BW wordt gekeken, dan valt op dat dit niet de inhoud bevat, zoals deze sinds 1 januari 2022 luidt.

Het derde resultaat dat wordt gevonden met Google bevat wel de sinds 1 januari 2022 geldende versie van artikel 2:20 BW. Nu is het natuurlijk héél fijn dat met één klik uiteindelijk de juiste versie van het artikel gevonden kan worden. Het probleem is echter wel dat dit alleen voorshands duidelijk is, wanneer men al weet wat de inhoud van het wetsartikel thans is.

Het zoeken naar juridische informatie met Google mag dan héél makkelijk zijn. Het zomaar aanklikken van gevonden resultaten in Google en er vervolgens op vertrouwen dat het gewenste resultaat is gevonden, dat is er niet bij. Zoals het uit het voorgaande blijkt, kan dat wel doen, neerkomen op het spelen van Russische roulette.

Thesauri maken juridische informatie eenvoudiger vindbaar

De meest simpele manier om juridische informatie te vinden is door te zoeken op een bepaald trefwoord. Het is echter ook mogelijk om informatie in te delen op basis van specifieke metadata. Een handig hulpmiddel hierbij is het gebruik van een thesaurus. In dit artikel worden er vier beschreven.

Door het ministerie van justitie en veiligheid (meer specifiek het WODC) is de justitiethesaurus vastgesteld. Die thesaurus functioneert als standaard trefwoordenclassificatie voor het toegankelijk maken en terugvinden van Justitiële informatie in catalogi en documentatiebestanden en Justitiewebsites. De thesaurus is vrij beschikbaar als open data.

Ook de Politieacademie heeft een eigen Thesaurus Politiekunde vastgesteld. Die thesaurus wordt gebruikt in de catalogus van de eigen mediatheek en een kennisplatform. De inhoud van de thesaurus is online vrij raadpleegbaar. Daarnaast is deze ook voor derden beschikbaar, onder welke voorwaarden wordt op verzoek medegedeeld.

De Europese Unie heeft de EuroVoc thesaurus vastgesteld. Dit is een meertalige en multidisciplinaire thesaurus. Het bevat in alle talen die in de EU gelden trefwoorden op 21 domeinen en 127 subdomeinen. Het wordt gebruikt voor classificaties in EUR-Lex:

U kunt dus aan de hand van die domeinen en subdomeinen bladeren in de EU-wetgeving en andere EU-documenten (richtlijnen, verordeningen, besluiten, ontwerpen, internationale overeenkomsten, mededelingen over jurisprudentie, parlementaire vragen enz.).

De EuroVoc thesaurus is online vrij raadpleegbaar en ook als open data vrij beschikbaar voor een ieder die er gebruik van wenst te maken.

De Nederlandse Fiscale Leerstukken Taxonomie (NFLT) is een taxonomie die zoals de naam al doet vermoeden fiscale leerstukken classificeert. Ondanks dat de naam anders doet vermoeden, merkt de organisatie die de NFLT beheert zelf op dat hun product ook de eigenschappen van een thesaurus heeft. Inhoudelijk stelt de organisatie erover:

De NFLT is – simpel gezegd – een verzameling van trefwoorden (en synoniemen) die in het fiscale domein gebruikt worden en waaraan wet- en regelgeving is gekoppeld. De taxonomie is opgebouwd vanuit het perspectief van de gebruiker/fiscalist. De manier waarop een fiscalist zijn informatie zoekt en de begrippen die hij daarbij hanteert, zijn bepalend voor deze taxonomie. De taxonomie is zo veel mogelijk hiërarchisch opgebouwd, maar volgt daarbij niet altijd strikt het principe van broader term of narrower term.

De NFLT wordt jaarlijks opnieuw vastgesteld. De laatst vastgestelde versie is 2023. Al blijkt uit de notulen van NFLT-raad “de wens te komen tot een hogere (agile) update frequentie”. De NFLT is als open data vrij beschikbaar.

De hoogste concernrelaties van een organisatie achterhalen

Juridisch gezien kan het belangrijk zijn om te weten wie de uiteindelijk aandeelhouders van een organisatie zijn. Het handelsregister van de Kamer van Koophandel biedt hiervoor uitsluitsel met het productie concernrelaties.

Helaas zijn de producten van de Kamer van Koophandel in de meeste gevallen betaalde prestaties. Waar het om de hoogste concernrelaties van een organisatie gaat, zijn deze in veel gevallen toch te achterhalen, zonder dat daarvoor hoeft te worden betaald.

Dat werkt via de volgende manier. Het is allereerst belangrijk om in het handelsregister zelf te zoeken. Dat kan via deze link. De Kamer van Koophandel biedt ook een bredere zoekfunctie waarmee ook in het handelsregister kan worden gezocht, maar daarmee valt het gewenste resultaat niet te bereiken.

Wanneer de organisatie in kwestie is gevonden, is de volgende stap om de vermelding aan te klikken. Hierna is het vervolgens belangrijk om de hoofdvestiging te selecteren, in het geval dat er een nevenvestiging is geselecteerd.

Op de vermelding van de organisatie staat onder “Kies een product”, uiteraard voor zover deze beschikbaar zijn, de optie: “Concernrelaties: overzicht van de structuur van het concern”, genoemd. Hierop klikken voert naar een pagina met een overzicht met de concernrelaties die besteld kunnen worden.

Het mooiste aan dit overzicht is, dat naast de directe concernrelaties van een organisatie, ook een overzicht met het totale concern van de hoogste concernrelaties kan worden besteld. Daarbij zijn de namen van de bewuste hoogste concernrelaties ook zal zichtbaar.

Op deze manier zijn de hoogste concernrelaties van een organisatie via de Kamer van Koophandel te achterhalen. Het is daarbij niet noodzakelijk om een product aan te schaffen.

Rechterlijke uitspraken en wetgeving gratis af te halen

Uitspraken van de rechter en wetgeving van zowel decentrale overheden als de rijksoverheid, die zijn vrij beschikbaar voor een ieder die daar interesse in heeft. De achterliggende databases van de websites lokaleregelgeving.overheid.nl, wetten.overheid.nl en uitspraken.rechtspraak zijn integraal beschikbaar.

De relevantie van deze feiten is voor een jurist in beginsel nihil. Toch is het een belangrijk om dat te benoemen. Het biedt namelijk wel de kans om hier zelf iets op basis van te laten ontwikkelen. Het kan namelijk zijn dat er iets in deze databases staat dat bijzondere relevantie heeft voor de eigen werkzaamheden of de eigen organisatie.

Niet heel erg geliefd bij overheden en thans ook bij rechters, zijn gemachtigden die no cure, no pay, WOZ-beschikkingen van gemeenten aanvechten. Een dergelijke organisatie zou er bijvoorbeeld belang bij kunnen hebben om snel van elke gemeente de verordeningen en andere regelgeving die van belang zijn te kunnen vinden.

Natuurlijk kan er ook via lokaleregelgeving.overheid.nl handmatig naar worden gezocht, maar door dat slim te automatiseren kan er op dat vlak een hoop tijd worden bespaard. De kans is groot dat dit soort bureau’s ook dat deel van hun werk geautomatiseerd hebben, zoals welke afwijkingen er zijn ten aanzien van de modelverordening onroerendezaakbelastingen.

Zelf iets ontwikkelen op basis van de databases die de overheid beschikbaar stelt vergt een investering. Dat zal niet interessant zijn voor elke organisatie maar het kan wel veel tijd schelen. Die tijd kan dan weer aan andere zaken worden besteed, die lucratiever zijn dan het zoeken naar juridische informatie.

Bronnen over de hoogte van strafvordering en straftoemeting

Wie als fietser een rood verkeerslicht negeert en toch doorfietst, zal wanneer er door een opsporingsambtenaar proces-verbaal van het feit wordt opgemaakt, vervolgens een administratieve sanctie in de vorm van een boete van 110 euro plus administratiekosten krijgen.

Dit feit blijkt uit de bijlage bij artikel 2, eerste lid WAHV (ook meer informeel bekend als de Wet Mulder). Het is alleen wat omslachtig om de wet te openen, dan vast te stellen dat een fietser categorie 4 valt en het feitcode R 602 betreft. Een snellere en meer prettige manier om hetzelfde vast te stellen, is gebruikmaken van de boetebase van het Openbaar Ministerie.

Voor delicten die via strafvorderlijke weg worden gehandhaafd, via strafbeschikkingen en dagvaardingen die bij de strafrechter worden aangebracht, heeft het College van procureurs-generaal een reeks richtlijnen voor strafvordering vastgesteld ex artikel 130, lid 6 Wet RO.

Waar het gaat om de straftoemeting door strafrechters zijn er ook richtlijnen vastgesteld door het LOVS (Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht). De straftoemeting voor een aantal veelvoorkomende delicten zijn in de zogeheten Oriëntatiepunten voor straftoemeting en LOVS-afspraken gestandaardiseerd, in het document zelf wordt over de status ervan gesteld:

Oriëntatiepunten vormen een vertrekpunt van denken over de op te leggen straf. Zij bieden de rechter een handvat en de mogelijkheid om bij de straftoemeting te wijzen op een landelijke praktijk. De oriëntatiepunten binden de rechter niet. Hij is in individuele gevallen verantwoordelijk om een passende straf te bepalen en op te leggen.

Naast het Openbaar Ministerie en de Rechtspraak zijn er natuurlijk ook nog talloze bestuursorganen die richtlijnen (veelal in de vorm van beleidsregels) voor door hen op te leggen bestuursrechtelijke sancties hebben vastgesteld. Daarover meer in een volgend artikel.

N-Lex is niet de mooie toegangspoort naar de wetgeving van EU-lidstaten

Naast het harmoniseren van veel wet- en regelgeving heeft Europa ook een oplossing voor het vinden van de nationale wetgeving van EU-lidstaten. Dit platform met de naam N-Lex, omschrijft zichzelf als: “Dit is het gemeenschappelijke toegangspunt tot de nationale wetgevingsdatabanken van de afzonderlijke EU-landen.”.

Het platform biedt de mogelijkheid om rechtstreeks te zoeken in de wetgevingsdatabases van EU-lidstaten. Daarbij wordt aan de gebruiker een geautomatiseerde vertaling van de ingegeven zoekterm in de taal waarin de wetgeving van de bewuste lidstaat is opgesteld.

In theorie is het een prachtig concept, dat het werk van een jurist die zoekt naar hoe iets in de wetgeving van een andere EU-lidstaat is geregeld, veel makkelijker maakt. Of het platform feitelijk van waarde is voor juristen, is echter maar de vraag.

Allereerst is het zo dat er verschillende koppelingen met database met nationale wetgeving niet werken. Op de pagina’s van Cyprus, Frankrijk, Italië, Luxemburg, Slowakije en Tsjechië staat een nette melding dat er geen koppeling is of deze (tijdelijk) niet werkt. Bij het bezoeken van de pagina’s van Ierland, Slovenië en Zweden verschijnt de volgende foutmelding in beeld:

XML error
Could not load XML. Please try again later

Het uitvoeren van een zoekopdracht met een geautomatiseerde vertaling in Frankrijk, Nederland en Spanje levert resultaten op. Wanneer er echter in Duitsland wordt gezocht, dan verschijnt de volgende (niet opgemaakte) tekst onder het zoekveld in plaats van de gewenste resultaten:

Internal error during request execution! :
In die Suchfelder “Text” und “Titel” dürfen nicht gleichzeitig Einträge gemacht werden! (Simultaneous search word entries in the search fields “text” and “title” are not supported!)

Het tweede probleem met N-Lex is de geautomatiseerde vertaling. Elke mogelijke zoekopdracht is gebaseerd op de EuroVoc thesaurus van de EU. In de thesaurus zijn juridische begrippen in de officiële talen van alle EU-lidstaten gestandaardiseerd.

Wanneer er wordt gezocht naar aansprakelijk, dan wordt aansprakelijkheid als zoekterm voorgesteld. Het vervelende is nu echter dat daardoor in tekst waarin staat “is aansprakelijk voor”, niet zal worden gevonden op basis van het letterlijke begrip “aansprakelijkheid”.

Technisch gezien is het dus gewenst dat er sprake is van semantisch zoeken, waarbij er niet naar de letterlijke zoekopdracht wordt gezocht, maar naar waar dit begrip voor staat. De uitvoering van de zoekopdrachten zal echter gedaan worden op de systemen van de EU-lidstaten. Het is dus vermoedelijk iets dat de makers van de N-Lex niet eens zelf zouden kunnen implementeren.

Het derde probleem met de werking van N-Lex is het feit dat het ook maar de vraag is wat de resultaten die terug worden gegeven precies behelzen. Gaat het om de geconsolideerde versie van de nationale wetgeving, of om een publicatie in het officiële publicatieblad van de betreffende EU-lidstaat?

Wanneer er een zoekopdracht gedaan wordt op de Nederlandse wetgeving, dan is het resultaat op basis van het Basis Wetten Bestand (BWB). Dat is de geconsolideerde wetgeving. Bij dezelfde zoekopdracht op de Spaanse wetgeving, lijken er juist resultaten uit een Spaans publicatieblad te worden teruggeven. Die inhoudelijk amenderingen op bestaande wetgeving behelzen.

De praktische waarde van het kunnen doorzoeken van publicaties in het publicatieblad van een EU-lidstaat is beperkt. Dat gecombineerd met andere resultaten waarbij wel de geconsolideerde wetgeving van een EU-lidstaat wordt doorzocht, maakt de praktische waarde zelfs nog kleiner.

Resumerend kan worden gesteld, dat N-Lex op geen enkele manier het geweldig concept is dat het zou moeten zijn. De techniek laat het afweten, de implementatie van het concept is zelf ook nog eens belabberd en als klap op de vuurpijl zijn de zoekresultaten dat elke EU-lidstaat teruggeeft ook nog eens niet gelijk.

Open access gaat om meer dan alleen vrije toegankelijkheid

Als er één onderwerp is dat feitelijk complex is, dan is dat de huidige situatie van open access juridische publicaties. Het is de bedoeling dat alle Nederlandse academische informatie open access wordt en er zijn zelfs steeds meer handboeken die als open access vrij toegankelijk zijn.

Open access betekent helaas niet dat de bewuste publicaties ook goed te vinden zijn. Uitgevers publiceren namelijk niet alleen, maar categoriseren, structureren en rubriceren die publicaties ook. Dat maakt open access daarom niet alleen een kwestie van het vrij toegankelijk maken van die publicaties. Net zo belangrijk is dat de publicaties ook vindbaar zijn.

Wanneer een artikel open access wordt gepubliceerd via een eigen platform of de universiteit, dan is deze niet meteen vindbaar voor een ieder die de informatie goed zou kunnen gebruiken. Zelfs als de oorspronkelijke uitgever een publicatie zelf open access maakt, dan zou de vindbaarheid een uitdaging kunnen zijn.

Neem bijvoorbeeld de dissertatie: “De goede procesorde. Een onderzoek naar de betekenis van de goede procesorde als normatief begrip in het burgerlijk procesrecht”, binnen Kluwer Navigator staat boven de pagina: “Dit document is vrij toegankelijk (Open Access).”. Alleen hoe kun je dit boek vinden? Zoeken binnen Kluwer Navigator is voorbehouden aan abonnees en een overzicht van open access publicaties ontbreekt, dus het is feitelijk alleen te vinden met een externe zoekmachine als Google.

Hierbij vergeleken zijn de open access boeken van concurrent Boom een verademing. Op de website staat bij het aanbod van juridische boeken “Open Access” nadrukkelijk vermeldt als een onderdeel van het aanbod. Wie daar op klikt komt terecht in een overzicht met op dit moment 16 verschillende juridische titels. Naast het kopen van een fysiek boek of e-book kan het direct, net zo makkelijk als open access worden geraadpleegd.

Het verschil in de twee manieren van omgaan met open access door twee uitgeverijen laat goed zien, dat open access niet alleen een kwestie van het vrij toegankelijk maken van publicaties is, maar net zo goed een kwestie van het kunnen vinden van die publicaties.